Belasting op "toegevoegde" waarde

De technologische revolutie wordt steeds zichtbaarder in de samenleving en de impact ervan, mede door het internet, voor iedereen toegankelijk.

Ondertussen wordt duidelijk dat Google, Microsoft e.a. spelers hun vele miljarden niet alleen besteden aan een leuke werkomgeving voor hun medewerkers of een Bill & Melida Gates fonds, maar dat de researchafdelingen op volle toeren draaien…

We zijn enkele maanden van de eerste zelfrijdende auto in ons straatbeeld, Google werkt aan verregaande artificiële intelligente robots die, volgens een topman tijdens het Wired congres vorig jaar, in staat zal zijn om in 2020 ong. 80 procent van alle arbeid te vervangen. 80 procent!!!  

Dit zal niet alleen onomkeerbare gevolgen hebben voor de tewerkstelling maar ook voor de financiering van oa onze sociale zekerheid zoals we ze vandaag kennen.

Een taxshift, zoals die vandaag op tafel ligt, is reeds voorbijgestreefd nog voor men er aan begint. Willen we een sociaal stelsel behouden dan zullen we vanuit een totaal andere mindset een concept van bijdragen aan de staatskas moeten denken.

Eén ding is duidelijk: de verregaande robotsering, informatisering en implementatie van articifiele intelligentie zal flink inbeuken op de tewerkstelling maar daarom niet noodzakelijk op het rendement/winst van een bedrijf. Die zullen mogelijks nog meer netto resultaat boeken dan nu want robots staken niet, zijn niet ziek, nemen geen vakantie… met een goede technieker en wat olie draaien ze 24 op 24 non stop …

Daarom dient ons fiscaal systeem gebasseerd te zijn op de toegevoegde waarde die men realiseert en niet uit een kluwen aan taksen en lasten zoals we ze nu kennen. Daarbij is het toch heel vreemd dat je belasting moet betalen op één component binnen de productie of dienst van een bedrijf : namelijk arbeid? Bij het onstaan van de sociale zekerheid werd gezocht naar financiering en men kwam logischer wijze terecht bij de werkgever.

Maar hoe gaan we dat morgen doen als er geen werknemers meer tewerkgesteld zijn? Hoe gaan we dan bv de sociale zekerheid financieren? Er is dus dringend nood aan een geheel nieuw transparant systeem van solidariteit/belastingssysteem.

Hef een echte belasting op “toegevoegde waarde”

Dit begrip zou tot enige verwarring kunnen leiden omdat het ons onmiddellijk doet denken aan ons huidige btw systeem… maar dat is eigenlijk een verborgen consumententaks en geen echte belasting op meerwaarde.

Het systeem is eigenlijk eenvoudig en komt er op neer dat we naar een stelsel evolueren van een werkelijke belasting op toegevoegde waarde.

Dat wil zeggen (in grote orde) de kost om iets te produceren (grondstofffen, algemene aangetoonde kosten, netto-personeelskost, afschrijvingen op investeringen) min de opbrengst (verkoopprijs) moet per saldo meer netto-winst voor het bedrijf opleveren als in huidig stelsel (door zware lasten op arbeid).

Het voordeel voor het bedrijfsleven is dat ze plots een enorm competitievoordeel gaan krijgen t.o.v. hun concurrerende landen, zelfs op internationaal vlak. Logisch gevolg is dat ze meer gaan verkopen dus meer winst gaan maken dus meer belastingen gaan betalen. Je krijgt als het ware een opgaande spiraal van belastingsinkomsten.Van die meeropbrengsten kan men perfect de kosten van de sociale zekerheid financieren.

Dit systeem, gecombineerd met een vlaktaks (een zeer eenvoudig belastingsstelsel) voor bedrijven en particulieren en een efficientere overheid, zal niet alleen een boost geven aan de economie maar ook zorgen voor aanzienlijke terugverdieneffecten. Want zo zal meer tewerkstelling direct leiden tot flinke minder-uitgaven bij bv sociale zekerheid (werkloosheidsuitkeringen).

Basisvoorwaarde voor het succes is dat bedrijven zich strikt dienen te confirmeren met het belastingsstelsel en dit best op Europees of zelfs internationaal niveau waar belastingsregels dienen te worden afgesproken.

Fraude of afleiding van winsten moet dan ook zwaar en zonder uitzonderingen gescantioneerd worden. Een goed geolied en modern uitgerust fiscale overheidsdienst moet daar borg  kunnen voor staan.

Rudi De Kerpel.

200 miljoen

De overheid gaat jaarlijks 200 miljoen euro bijleggen voor de distributie van kranten. 200 miljoen! En dat minstens 5 jaar lang. Alles samen dus 1 miljard!

Op zich toch wel bijzonder dat de overheid zoveel geld overheeft voor een (privé)sector. Ik kan mij niet voorstellen dat bakkers zouden moeten aankloppen om hun broodronde te helpen financieren? Het is een stilzwijgende bevestiging dat de media toch een vierde macht vormen in dit land en toch wel bijzondere privileges geniet. 

Het is – alweer – een gemiste kans om te participeren aan de radicale veranderingen die zich opdringen in onze samenleving maar vooral om onze economische competitiviteit te versterken. Je moet er maar de interviews met Peter Hinssen op nalezen, die af en toe in verschillende kranten verschijnen, om te beseffen welk economisch kerkhof op korte termijn dreigt te ontstaan als we de digitale shift missen.

Het is daarom jammer dat de overheid niet gekozen heeft voor een alternatief voor de distributie van de kranten: geef ieder gezin in dit land een gratis tablet! De burger kan hiermee dan zijn (nog steeds) overgesubsidieerde krant digitaal lezen (want er is nog altijd geen btw op kranten). 

De voordelen zijn legio: de postbode hoeft niet langer door regen en wind om kranten te bedelen, je bespaart aanzienlijk wat bomen (want minder papier), geen denderende vrachtwagens meer die kranten distribueren enzovoort. Het levert allemaal  een aanzienlijke bijdrage op voor de ecologische voetafdruk van het product krant. 

Daarnaast kan je hen ook de aanzet geven om een moderne en efficiënte overheid mee uit te bouwen want iedereen wordt op die manier digitaal bereikbaar. Als ik zie hoe grootouders Facetimen met hun kleinkinderen dan is het gebruik ervan alvast geen hindernis noch argument meer voor geen enkele generatie om het plan niet uit te voeren. 

Je zou er als overheid  ook dichter bij de burger mee kunnen komen. Die kan er bv. op een eenvoudige manier en via een centraal loket al zijn overheidszaken mee afhandelen. Van belastingaangifte tot het aanvragen van een reispas, een bouwvergunning, de hernieuwing van je rijbewijs,… 

Mocht men de politieke moed hebben dan kan je er zelfs je ziektekosten mee indienen of het aanvragen van je werkloosheidsvergoeding. Daar spaar je dan onmiddellijk 1 miljard verzekering mee uit want dat is het bedrag dat jaarlijks geruisloos verdwijnt in de kassen van de mutualiteiten en vakbonden.

Je kan het ook inzetten op vlak van onderwijs. Men kan zich hiervoor laten inspireren op de BBC met haar ‘Make It Digital-campagne’. De omroep wil een generatie jongeren laten opgroeien tot ‘digital natives’ door iedere 11-jarige een eigen computer te geven (1 miljoen in totaal) en gratis programmeerlessen aan te bieden.

5.000 jongeren zonder werk krijgen een stage aangeboden om hun digitale vaardigheden bij te schaven en 50 organisaties, zoals Google en Microsoft, worden mee in bad getrokken. 

 

Europese hersenkronkels

Europa stelt dat Vlaanderen de investering van de Oosterweelbrug in één keer moet opnemen in zijn begroting. Als we een toepassing zoeken voor het begrip “kamikaze” komt dit verzoek zeker in aanmerking.

Minister President Bourgeois heeft gelijk als hij in verzet gaat tegen de vraag van Europa om de investeringen van het Oosterweelproject volledig bij aanvang op te nemen in haar begroting.

Op zich kan het er niet toe doen hoe de Vlaamse regering het project financiert. Rechtstreeks of via een PPS. Het enige wat ze moet doen is en wat logisch zou zijn is dat ze de afschrijvingen  op de investering, binnen de afgesproken looptijd, jaarlijks opneemt in haar begroting.

Want stel u voor dat de logica van Eurostat doorgetrokken zou worden naar het bedrijfsleven. Dat zou niet meer of minder het bankkroet van onze (Europese) economie betekenen. Het zou het niet alleen onmogelijk maken voor bedrijven om nog te investeren, ook de overheid zou een zware tol betalen gezien ze amper nog fiscale ontvangsten zou boeken.

Een voorbeeld. Stel dat een bedrijf een investering wil doen van 1 miljoen euro in een bedrijfsgebouw. Het is logisch dat een bedrijf deze kost (investering + rentelast) wil inbrengen in haar balans. Vanuit de fiscale wetgeving kan men bv een gebouw niet korter afschrijven dan 20 jaar.

Laat ons daar nu de Eurostat logica op toepassen. Concreet zou dat betekenen dat het bedrijf het jaar na de investering 1 miljoen moet afschrijven wat per bijna automatisch zou betekenen dat het zwaar in het rood gaat en (los van de boekhoudkundige gevolgen van eigen vermogenspositie ea) geen belastingen zou moeten betalen. De gevolgen voor de schatkist laten zich raden… het zou een enorm gat slaan in de fiscale ontvangsten.

Sterker gesteld. Als deze logica van toepassing zou worden op alle bedrijfsinvesteringen zou de overheid jarenlang geen eurocent belastingen meer ontvangen van de bedrijven. Om het dan nog niet te hebben over de financieringsproblematiek die zou ontstaan t.o.v. de banken. Want zo’n regeling zou tot gevolg hebben dat enkel nog bedrijven met een zeer groot eigen vermogen in staat zouden zijn een banklening te verkrijgen. En laat dat nu juist de achillespees zijn van onze bedrijven, nl. het eigen vermogen.

Het is dan ook logisch dat Minister President Bourgeois deze maatregel betwist. Niet alleen omdat ze totaal onrealistisch is maar ook indruist tegen alle economische wetmatigheden.

De Nul en Ledoux

Er is de laatste dagen nogal wat beroering ontstaan over de toespraak van Jan De Nul van vorige donderdag en het opiniestuk van Celia Ledoux, maandag in De Morgen. Beiden sloegen ze, elk vanuit hun eigen perspectief, de nagel op de kop. En we kregen er nog een sausje 'armoede' bovenop, via een schokkende Panaroma-reportage.

Ze tonen vlijmscherp aan dat het een verhaal is met twee kanten: enerzijds de zich machteloos voelende ondernemer die steeds harder moet knokken om zijn positie op de (internationale) markt te behouden en anderzijds een getuigenis van iemand die met schimmel tussen de tenen het maatschappelijk toch heeft gehaald maar haar verleden blijft meeslepen. Als ondernemer kan ik in grote lijnen de frustraties van De Nul onderschrijven.

Binnenkort open ik een nieuwe winkel en onze grootste nachtmerrie is niet de investering van circa 1,5 miljoen euro, maar hoe we de twintig vacatures gaan invullen. Ik zal u de verhalen besparen van eindeloze sollicitatierondes van mensen die we kansen willen bieden maar die niet bereid zijn op zaterdag of zondag te werken. En we betalen echt wel mee dan 600 euro per maand... Ondanks de bijna 1,4 miljoen werkzoekenden in dit land, blijven werkgevers problemen hebben om 50.000 vacatures ingevuld te krijgen. Kan iemand mij uitleggen hoe dat komt?

Anderzijds kan ik mij voorstellen hoe frustrerend het moet zijn als je graag wil werken en toch maar niet de juiste match vindt. Om geld te verdienen, om je waardig te voelen, om je uit te leven, iets om handen te hebben, iets te doen wat je graag doet, om je gezin te onderhouden, om leuke dingen te doen.

Maar de kern van beide betogen is: ons systeem faalt collectief en op veel vlakken. Niet alleen in stimuli voor ondernemerschap maar ook op vlak van het faciliteren van werknemers. Moeiteloos wordt 700 miljoen euro per jaar uitgetrokken voor subsidies van windmolens die niet alleen tot een overproductie leiden maar de consument opzadelen met hoge (distributie)kosten.

Is het de schuld van de burger of van de reguliere ondernemer dat grote multinationals geen belastingen betalen? Politici spreken er met volle verontwaardiging over, maar zijn zij niet de enigen die het kunnen oplossen? In Brussel, Hasselt en Bergen worden amper controles uitgevoerd... is dat de schuld van de reguliere ondernemer/werknemer dat er daardoor miljarden belastinginkomsten ontglippen aan de staatskas? Ik denk het niet.

Stel u voor dat we dat geld reserveren om (jonge) ondernemers te stimuleren via lastenverlagingen en dat de andere helft geïnvesteerd wordt in een goed openbaar vervoer - zodat mensen vlot en zonder urenlang tijdverlies naar hun werk kunnen, een goede kinderopvang - zodat mensen hun kinderen niet in het holst van de nacht ergens hoeven te droppen, en een realistische belasting op arbeid - zodat mensen opnieuw kunnen consumeren.

Tot slot zal het u verbazen, maar ook als ondernemer word ik geconfronteerd met armoede. Talrijke keren zie ik mensen van allerlei origine verschijnen die dolgraag aan de slag willen, maar wat kan ik in godsnaam aanvangen met iemand die mij niet begrijpt. Letterlijk en figuurlijk. Ongetwijfeld sluiten we beiden steeds het gesprek af met een gevoel van machteloosheid.

Moeten de pleitbezorgers van grenzeloze immigratie niet eens in de achteruitkijkspiegel kijken wat ze aangericht hebben de afgelopen decennia? Ik aarzel om het te schrijven, maar hebben we het grootste deel van de huidige armoede niet geïmporteerd door mensen hier een paspoort te geven en ze voor de rest ergens te dumpen en te hopen dat ze zich goed verstoppen? Toch zullen we elkaar moeten vinden. Zullen we samen oplossingen moeten vinden voor de uitdagingen die op ons pad komen. In een goede balans en in alle redelijkheid.

Rudi De Kerpel, ondernemer

Gepubliceerd op 26 juni 2013 in De Morgen

Verdediger van de volgende generatie

Het valt mij op dat Paul De Grauwe steeds in zijn zelfde discours blijft vervallen met modellen die gebaseerd zijn op ervaringen uit het verleden. Zouden we van academici juist geen uitdagende, verfrissende en vernieuwende oplossingen mogen verwachten?

Ik wil op een "eenvoudige" manier uitleggen dat je wel kan vasthouden aan de begrotingsnorm en dat zoiets een positief effect kan hebben op de economie. Mijn model is gebaseerd op mijn ervaring als ondernemer: door een aantal jaren mijn broeksriem aan te spannen en al mijn spaargeld te investeren, ben ik fiere eigenaar van 3 tuincentra met 45 gelukkige werknemers.

Dat is ook wat de overheid moet doen. Niet alleen om straks de pensioenen te betalen, maar omdat de schuldenberg die we onze kinderen gaan nalaten nu al onbetaalbaar geworden is en je geen welvaart kan bouwen op een economisch kerkhof. 

Om te beginnen negeert Prof. De Grauwe dat besparen ook investeren kan zijn. En dat die investeringen aardig wat terugverdieneffecten kunnen hebben. 

Een voorbeeld: een werkloze kost jaarlijks 25.000 euro aan de overheid. Als de regering morgen het equivalent van 100.000 uitkeringen mocht inzetten op een lastenverlaging (2,5 miljard) zou dat een enorme boost geven aan de tewerkstelling. Dan zouden morgen Ford, Caterpillar, e.a. hier sites extra openen in plaats van er te sluiten.

Het effect zal niet alleen spectaculair zijn voor de tewerkstelling maar ook voor de consumentenbestedingen. Want mensen met werk zijn niet alleen gelukkiger, ze gaan ook consumeren en dat brengt flink wat extra’s op voor de BTW-ontvangsten.

 

Maar toch verkiezen onze politici blijkbaar machteloos te blijven toekijken hoe het huis aan het afbranden is in plaats van hun handen uit de mouwen te steken... De broeksriem aanhalen voor de regering zou kunnen betekenen: minder overheid en minder overheidspersoneel. En dan bedoel ik niet leraars en verpleegsters, maar de duizenden ambtenaren die we op overschot hebben. Het is toch stuitend te horen dat we “straks” de ambtenaren niet gaan vervangen die op pensioen gaan. Dan vraag ik mij af: wat hebben die daar de hele tijd zitten doen? En hoeveel zijn er nog op overschot die niet met pensioen zijn? 

Het zou de ambitie/plicht moeten zijn van de overheid om performant en efficiënt de burger ten dienste te zijn. Ik begrijp nog altijd niet waarom een burger via een ziekenkas of vakbond moet passeren om zijn terugbetaling te krijgen. De overheid betaalt maandelijks het pensioen van honderdduizenden mensen, waarom kan dat dan niet voor een ziektekosten- of werkloosheidsuitkering? En wat gebeurt er dan met die overbodige ambtenaren? Die hoeven niets te vrezen want bij een boomende economie vinden die beslist een plaats in het reguliere arbeidscircuit. 

Ik blijf het gebrek aan creativiteit betreuren bij het vinden van oplossingen voor begrotingstekorten. Men praat altijd over risico’s en nooit over kansen. Men veegt de realiteit te gemakkelijk onder de mat en de rekening stuurt men door naar de volgende generatie.

Tot slot blijft het mij verbazen dat je in dit land voor het verleggen van een tegel een vergunning nodig hebt maar dat je probleemloos minister kan worden zonder diploma. Een juiste lobby volstaat om belangrijke departementen te runnen. Het is zoals een bekende volksvertegenwoordiger zei: “Je krijgt pas een departement als men zeker is dat je er niets van kent”.

Dus ook daar is er werk aan de winkel: laat ons gaan voor mensen die met kennis van zaken en ervaring de problemen kunnen/durven aanpakken. Wat wil zeggen: hervorm het volledige politieke systeem waarbij de stem van de burger opnieuw gaat tellen en politici minimaal een test van bekwaamheid ondergaan. Het zou ons al een heel eind op de goede weg brengen….

Rudi De Kerpel. 
Ondernemer.

Turbo-maatregelen voor KMO's

Regeringsleiders en overheden hebben altijd een boon gehad voor het aantrekken van grote ondernemingen en multinationals. Begrijpelijk, gezien het om grote investeringen en hoge tewerkstellingen gaat.Het zijn altijd mooie referenties tijdens een verkiezingscampagne. Maar de realiteit vandaag toont ook haar schaduwkant. Er is niet alleen Ford Genk. Daarvoor waren er ook Opel en Renault. Tussen al dat groot geweld wordt een belangrijke ondernemersgroep vergeten: de KMO's en kleine bedrijven. Ze zijn vaak een stabiele werkgever, correcte belastingbetaler (want ze hebben geen geld voor fiscale spitstechnologie) en zorgen voor een stabiele tewerkstelling.

Daarom moet de overheid NU investeren in het KMO-weefsel dat Vlaanderen rijk is. En dat kan mits een aantal eenvoudige maatregelen die op zich weinig hoeven te kosten. Hierbij geef ik een aantal mogelijkheden: creëer een taxshelter voor bedrijven,  centraliseer het vergunningsbeleid, beloon innovatie en ontwikkeling (Tesla) en moderniseer de arbeidswet aan huidige behoeften.

De spaarrekeningen van de Belgen barsten van het geld. Miljarden euro's staan op bijna renteloze leningen en dat terwijl het bedrijfsleven snakt naar financiën om te groeien. Waarom geen taxshelter voor KMO's? Het gaf de Vlaamse filmindustrie vleugels want nooit werden zoveel lokale producties gedraaid. Heel wat Vlaamse KMO's lopen over van ambitie, vaak met sterke concepten en moedige ondernemers. Hun grootste probleem is die groei te financieren. Geld krijgen bij banken wordt met de dag moeilijker, zelfs voor gezonde bedrijven. Waarom de spaarder niet aanzetten om te investeren in Vlaamse bedrijven? Je zou hen kunnen aanmoedigen door bijvoorbeeld de roerende voorheffing tot een bepaald bedrag te laten wegvallen of, waarom niet, een fiscale aftrek te geven op hun personenbelasting. Iedere euro die op die manier geïnvesteerd wordt, komt dubbel terug. Bedrijven gaan gebouwen zetten, machines aankopen, mensen tewerkstellen, groeien, winst maken met als logisch gevolg: meer belastingen en meer tewerkstelling, niet alleen bij hen maar ook bij hun toeleveranciers. En de spaarder: die krijgt eindelijk een eerlijke rentevergoeding. De overheid zou hierin mediator kunnen zijn: ze zou de investeringsdossiers kunnen quoteren met een risicograad zodat de spaarder weet waaraan hij begint en cowboys uit het speelveld worden gehouden.

Niet alleen persoonlijk ondervind ik dagdagelijks de "vergunningsproblematiek" waarmee ondernemers geconfronteerd worden. Ik hoor het vaak bij bijeenkomsten: ik wil investeren maar ik wacht al 2 jaar op één of andere bouw-, milieu- of andere soort vergunning. Vlaanderen heeft altijd de ambitie gehad een performante regio te willen zijn. Wel, het wordt tijd voor daden. Er wordt al jaren gesproken over het eenheidsloket waar je centraal alle vergunningen kunt bekomen. De overheid moet ten dienste staan van de ondernemers (en burgers) en niet omgekeerd. Een administratie zou inspanningen moeten doen om snel en efficiënt de situatie kenbaar te maken en voor de nodige vergunningen te zorgen. Een beetje met de mentaliteit van de Nederlandse belastingdiensten "Makkelijker kunnen we het niet maken".

Innovatie is de tewerkstelling voor morgen. Vlaanderen moet daar ambitieuzer in zijn. De succesvolle producten van 2020 moeten vandaag nog uitgevonden en ontwikkeld worden. Waar is onze Silicon Valley? 15 jaar geleden was er geen sprake van windmolens. Vandaag werken er in Duitsland en Denemarken meer dan 100.000 mensen in deze industrie! Waarom hebben we die boot gemist? Zelfs in de auto-industrie zijn nog mogelijkheden: in een kleine loods in Luik wordt hard gesleuteld aan de wedergeboorte van een Belgisch auto-icoon. De nieuwe Imperia wordt een hybride met retrolook; kostprijs 95.000 euro en een wachtlijst met 300 kopers. Het is dus vooral een kwestie van ambitie en doen.

Tot slot is er de arbeidswetgeving. Die is niet alleen complex maar ook volledig voorbijgestreefd. Er moeten meer mogelijkheden komen tot flexibel werken, overuren, aanpak ziekteverzuim,  sollicitatieplicht (ondanks de hoge werkloosheidscijfers is het nog altijd moeilijk om mensen te motiveren om te werken), thuiswerken, enzovoort. Wie een modern bedrijfsleven wil, moet maken dat de omstandigheden aan de tijd zijn aangepast.

We mogen het hoofd niet laten hangen, ondanks de zware opdoffer in Genk en waarschijnlijk nog anderen die gaan volgen. Het is zoals mijn mentor altijd zegt: "Vrijheid is een van de mooiste kwaliteiten in het (bedrijfs)leven. Je hoeft alleen maar je eigen beperkingen los te laten". 

Rudi De Kerpel.

Ondernemer.

Telraam

“Het is € 7,50 mijnheer.” Ik geef een briefje van € 10 waarop de jongedame haar rekenmachine bovenhaalt en zegt: “Dat is dan € 2,5 euro”. Met verstomming geslagen vraag ik haar: “Heb je daar echt een rekenmachine voor nodig?” Waarop ze laconiek antwoordt: “Mijnheer, ik wil zeker zijn want mijn kassa moet kloppen vanavond.” Ik keek nog even of er soms een verborgen camera hing maar het was harde realiteit; aan de Zuid in Gent, september 2012!

 

Het is niet de eerste keer dat het mij overkomt. We hebben in het bedrijf altijd stagiaires die we steeds een volwaardige en actieve rol geven  - onder strikte begeleiding weliswaar. Het ergste wat we daar ooit zagen was een studente secretariaat-talen die een postzegel in het midden (!) van een envelop kleefde.

 

Uiteraard kan je deze voorvallen niet veralgemenen, maar het valt mij toch steeds meer op dan jongeren na jaren van schoolgaan niet beschikken over een elementaire basiskennis die noodzakelijk is om een stap naar het bedrijfsleven te zetten, laat staan over een basisattitude. We mogen terecht fier zijn op het basisonderwijs in ons land dat in wezen kosteloos wordt verstrekt en tot de beste van de wereld schijnt te behoren. Maar zijn we nog voldoende kritisch naar de output?


Goed (basis)onderwijs is een fundamentele pijler voor de welvaart van zowel individu als samenleving. Zonder ben je kansloos en verval je in de marginaliteit. Het onderwijs heeft de afgelopen jaren verschillende hervormingen doorgemaakt. Worden die voldoende geëvalueerd? Wordt er omgekeken of iedereen mee is? Het is geen optie noch uitdaging om naar beneden te nivelleren. Het moet net de ambitie zijn om iedereen hoger op de ladder te krijgen.

 

Opnieuw liggen hervormingsplannen klaar. Iedere minister wil blijkbaar in de annalen van de geschiedenis verschijnen, maar komt dat de leerling zelf wel ten goede? Wordt het geen tijd dat we eens samen (onderwijs & bedrijfsleven) nadenken over de behoeften en daar een masterplan rond samenstellen dat meerdere jaren dienst doen voor het beleid? Zo kan de minister zich bezighouden met het goed beheer en uitvoering van de plannen. Op zich ook al een verdienstelijke uitdaging dezer dagen als je ziet hoeveel containerklasjes er gebouwd moeten worden wegens “verrassend” veel nieuwkomers…

Wij zijn er in ieder geval toe bereid toe. 

Rudi De Kerpel, ondernemer.

Video

Rudi in Ter Zake

Rudi op TV Oost

Debat op TV Oost