Business to society

Enige tijd geleden mocht ik aanwezig zijn op een boeiende bijeenkomst van  ondernemers tijdens Leaders meet in Paris. Meer dan honderd zakenmensen komen er luisteren naar de meest uitlopende sprekers van Jan Jambon tot Marc Noppen, van Bert De Graeve tot Dirk Brossé.

Eén van de sprekers was de jonge 30 jarige Marokkaanse Sihame El Kaouakibi die in het Antwerpse furore maakt met haar project Let’s go Urban. Het is een beweging die jongeren uit de grote stad middels activiteiten en workshops probeert samen te brengen.

Ze startte dit initiatief zo’n 10 jaar geleden omdat ze, niettegenstaande haar perfecte jeugd,  moest vast stellen dat heel wat jongeren de weg tussen thuis, school en de arbeidsmarkt onvoldoende vonden en vaak door hun eigen identiteit tegen een muur aanliepen. 

Sihame analyseerde hun situatie en verzamelde jongeren door ze te passioneren via muziek, film, dans of sport. Ondertussen vinden 1.000 jongeren per week hun gading in meer dan 30 workshops met 300, hoofdzakelijk, vrijwillige coaches waarvan de meesten zelf 10 jaar geleden als leerling startten.

Het mooie aan haar beweging is dat ze het krachtige bij jongeren naar boven haalt door in te zetten op inspanning, discipline en doorzettingsvermogen. Ik noem de beweging steevast de KSA 3.0 of SCOUTS 3.0. Sihame blijft heel streng voor de deelnemers, zo stelt ze dat er een ‘heel groot probleem’ is  als hij/zij 3 keer niet of te laat komt. 

Haar houding resulteert niet alleen in winnaars maar ook in jonge mannen en vrouwen die voldoende zelfvertrouwen krijgen om de stap naar het ondernemerschap te zetten. 

Ondertussen kan haar organisatie zelfstandig verder en krijgt ze zelfs vragen vanuit andere grootsteden. Tijdens haar traject botste ze echter tegen een nieuw dilemma:  hoe breng je gemotiveerde en getalenteerde jongeren met een grote verscheidenheid naar de arbeidsmarkt? Bedrijven zoeken talent en talent zoekt bedrijven maar hoe vinden ze elkaar. Het is een vraag waar de overheid en het bedrijfsleven al jarenlang mee worstelt.

Ook hier komt Sihame met een originele oplossing. Ze vraagt werkgevers hun bedrijf via een filmpje voor te stellen en ook de jongeren tonen op eenzelfde manier wie ze zijn, wat hun ambities, zwaktes, sterktes en dromen zijn. Het is een leuke en moderne manier om vraag en aanbod op een hedendaagse manier met elkaar te verbinden.

Het is één van de zovele vormen van social entrepreneurship dat steeds vaker de kop opsteekt. Het wordt hoogtijd dat, na B2B en B2C ook B2S gelanceerd wordt : business to society. Het is een vorm van sociaal engagement van de onderneming naar de samenleving zonder in het geiten-wollen-sokken verhaal te vervallen. 

Op deze manier kan een grote groep jongeren met veel potentieel maar die even vaak het spoor bijster zijn vanwege hun achtergrond, cultuur of opvoeding, terug op de rails te krijgen. Er wordt niet vanuit een moralistisch standpunt gewerkt maar vanuit het geloof en de overtuiging dat iedere mens talenten heeft en die ook moet benutten.

Er komt een nieuw jaar met vele onzekerheden op ons af want welke inpakt zal de nieuwe Amerikaanse president hebben, de Brexit, allerhande economische ontwikkelingen, enz.? Daarom is het goed om als ondernemer bij dit project even stil te staan en de mogelijkheden van dichterbij te bekijken. 

Via Business to society kunnen we de concurrentie van antwoord dienen door het eigen talent een kans te geven en te stimuleren ipv  te outsourcen naar het buitenland. 

Want wie anders dan de jeugd heeft de toekomst in handen, niet alleen haar eigen toekomst maar ook die van de volgende generaties, net zoals wijzelf destijds.  

Ik wens jullie allemaal een gezond, voorspoedig en social 2017 toe!

 

 

Alice in wonderland

Veel collega-ondernemers lezen tijdens hun vakantie een goed managementboek. Ikzelf heb sedert een aantal jaren de gewoonte een seminarie of workshop bij te wonen op de plaats van mijn vakantie. Zo woonde ik vorige maand een seminarie bij van  FT.com in New York met de veelzeggende titel: Future Marketing.

Het was een zeer gevarieerde kijk op marketing in de wereld en de evolutie ervan. Daags erna titelt de krant steevast  “Global and Political Outlook for 2016 en Beyond”. 

De senior-auteur van dienst probeerde uit te leggen waarom wij – burgers en consumenten – met angst leven en de vinger op de knip blijven houden, ondanks de positieve groeicijfers en heropleving van de economie. Ze verklaarde dat gevoel door wat ze van “Alice in Wonderland” had onthouden: “the 6 impossible things that will happen before breakfast”!

De wereld veranderde fundamenteel in 2007 want toen gebeurde het ondenkbare: een bank ging failliet (Lehman Brothers). Er was heel veel mogelijk maar zo’n faillissement was sinds de jaren ‘20 niet meer voorgevallen en dus lang uit het collectief geheugen gewist. Tot dan gingen mensen ervan uit dat de overheid werkte en de banken betrouwbaar waren ; je geld stond veilig op de bank.  In 2007 werden al die zekerheden weggevaagd op één beursdag. De politiek stond machteloos meer nog, ze hadden zelfs geen remedie voor wat gebeurde. Erger nog, vandaag hebben sommige landen zelfs een negatieve rente op het spaargeld: the impossible things will happen… 

Maar ook breder in de wereld vallen vele zekerheden weg : waar vroeger de Verenigde Staten -  en bij uitbreiding Europa - leading waren in de wereld, is die orde flink verstoord met al nieuwe spelverdelers Rusland (politiek) en China (economisch). Kijk maar naar hoe machteloos USA en Europa staan in de Syrië-oorlog, we komen er amper aan bod… The impossible things will happen 

Tijdens dit seminarie kwam een Chinese collega even de puntjes op de i zetten en alle twijfels weg nemen rond de ontwikkelingen in China. Het was een visie die we bij ons amper horen of lezen, met uitzonder van de Tijd die recent een interessante reportage bracht.

Op de vraag of ze ‘marketing’ eigenlijk wel kennen in China antwoordde ze gevat: “I think Mao was a good marketeer”. En over het éénpartijsysteem zei ze: “If I see what happens in Europe and the USA, I think it is not a bat system to rule a community”. De toon was meteen gezet. Ze plaatste ook de dalende groei in de juiste context: de 

6 % groei van het GDP van afgelopen jaar was in absolute cijfers nog altijd meer dan de 15 % van GDP 10 jaar geleden. Hoezo een probleem?!

Het meest hilarisch was haar reactie op copyright van producten. Ze vroeg zich af waarom Westerse bedrijven daar zo moeilijk over doen. “Welke zin heeft het om een rechtzaak aan te spannen die 2 jaar duurt. Tegen dan is het gecopieerde al lang achterhaald en hebben wij er een totaal nieuw product mee gemaakt waardoor van het oude geen sprake meer is. Waar steken jullie jullie tijd in? Jullie zouden gewoon beter verder innoveren… “ Hilariteit alom bij de 400 Westerse deelnemers! 

Maar wat mij vooral is bijgebleven: in China groeien bedrijven vooral lokaal. Er is een sterke middenklasse ontstaan die flink wat te besteden heeft. Het Westen kijkt vooral naar de grote steden als Shangai en Bejing maar ziet niet wat er gebeurt in de 700 Chinese steden waarvan sommige groter zijn dan New York of London. 

Daar zitten vele “small caps” die een lokale positie uitbouwen om dan door te groeien naar de rest van de wereld. Ze stelde terecht: wie kende Alibaba in het Westen (enkele specialsten niet na gelaten) alvorens ze naar de Amerikaanse beurs trokken. Ze voorspelde alvast dat er nog een aantal op komst zijn, ze zullen (Westerse) wereld verrassen… The impossible thing what will happen.. 

Misschien moeten we maar eens naar die andere kant van de wereld op verkenning gaan.

Maggie, Kris: ik ben het beu !

Ik ben het beu, de aanhoudende aanvallen en pesterijen van vakbonden, ambtenaren en  politici, de permanente golf van maatregelen en insinuaties die kant noch wal raken en die er alleen maar voor zorgen dat we meer nutteloos werk te doen krijgen… 

Ik ben het beu dat men permanent de indruk probeert te wekken dat werkgevers slavendrijvers zijn en onmogelijke zaken eisen van hun medewerkers. Als je sommigen bezig hoort, lijkt het alsof we nog in tijden van Daens leven ... noem mij eens één bedrijf dat zo omgaat met zijn mensen?! Één! 

Ik ben het beu dat ik permanent moet bezig zijn om mijn bedrijf her uit te vinden, disruptief moet ondernemen, de concurrentie in de gaten moet houden, nieuwe diensten moet lanceren en ondertussen blijkbaar ook nog psycholoog moet spelen voor mijn medewerkers.

Ik ben het beu dat ik als ondernemer alle zonden van Israël over mij krijg omdat ik aan medewerkers vraag om 38 u per week te werken gespreid over 5 dagen en met 3 tot 4 pauzes per dag... en wat met die andere 130 uur per week? Worden daar ooit vragen over gesteld? 

Ik ben het beu slachtoffer te worden van een meute (jonge) huisartsen die in ieder ziekteverhaal mee gaan en amper de vraag durven stellen: "mevrouw, slaapt u wel genoeg? Neemt u wel voldoende rust?!" Als ik van sommige hun "va-et-vient" zie op Facebook dan word ik al moe van het lezen alleen ... maar vaak is "het werk" de grootste spelbreker ..

Ik ben het beu dat ik machteloos sta tegen misbruiken, de overheid ons wijst op onze plichten maar het andere kamp amper bewust maakt van hun plichten! Recent kreeg iemand een ziektebriefje van 2 weken wegens "overbelast". Bleek dat hij na zijn uren bijklust - vastgesteld door controle-arts - en zo kan ik een column vullen enkel met dergelijke ervaringen !

Ik ben het beu dat ministers als Kris Peeters en nu blijkbaar ook De Block hun pijlen exclusief richten op werkgevers en niet op alle partijen, waarschijnlijk omdat we numeriek (lees het stemhokje) te verwaarlozen zijn.

Ik ben het beu ... er alleen voor te staan !

 

Willy Brandt

Onlangs miste ik een vlucht en ging per toeval schuilen voor een aankomende regenbui in het statige Willy Brandthaus - hartje Berlijn. In het gezelschap van enkele jonge Duitsers, die er om dezelfde reden terecht gekomen waren, bekeek ik een biografische film van de man. 

Ik herinnerde mij plots de man die tijdens mijn jeugdjaren regelmatig en prominent het journaal vulde. Aan de hand van een permanent lopende video-film-reportage over zijn leven kon ik  mij deze man scherper voor de geest te halen. Tegelijk moest ik vaststellen dat deze toch wel bijzondere voormalige bondskanselier heel erg in het vergeethoekje was geraakt.

Hij was nochtans de kanselier die van grote betekenis was voor Duitsland en bij uitbreiding het verenigd Europa. Zijn streven om terug te keren naar een verenigd Duitsland kon namelijk enkel vorm krijgen door zijn pragmatische aanpak en onderhandelingen met de toenmalige Russische president Brezjnev. Het vertrouwen dat hij opbouwde zorgde voor ontdooiing van de gespannen relatie tussen Oost en West. Hierdoor liep de Koude Oorlog  ten einde wat uiteindelijk resulteerde in de val van de Berlijnse Muur. En de rest is geschiedenis … 

De film  hielp mij niet alleen een duidelijk beeld te krijgen van deze grijze en nors lijkende man maar het deed mij ook beseffen dat hij een politieker was van een kaliber dat we nog zelden terugvinden. Zelfs Obama, die vooral door zijn toespraken in de geschiedenisboeken zal belanden, kan niet echt tippen aan de visionaire Brandt. De toekenning van de Nobelprijs voor de Vrede aan deze laatste was dan ook meer dan symbolisch (zoals bij Obama) maar oprecht verdiend!

Het zal u verbazen dat ik als ondernemer onder de indruk geraak van deze Duitse sociaaldemocraat: lees socialist. Wat mij bijzonder treft, is het feit dat hij een zeer sterk plan had voor zijn land. Dat bestond er niet alleen uit het land herop te bouwen maar vooral het land opnieuw centraal in Europa te plaatsen en dat op alle gebied. De fundamenten van het sterke Duitsland zijn niet te danken aan Kohl of Merkel, maar o.a. aan de socialisten Brandt en later Gerhard Schröder. 

De eerste legde de fundamenten van een Verenigd Europa zoals we het vandaag kennen, de tweede zorgde ervoor dat de arbeidsmarkt dermate werd georganiseerd dat Duitsland nog altijd de koploper is van de Europese economie en welvaart. Zelfs Merkel besefte dat heel goed en pas toen ze herverkozen werd sleutelde ze aan de “hamburgerjobs”.

Het fascinerende aan Willy Brandt was dat hij erin slaagde zijn volk te motiveren om te werken. Waar hij als socialist stond voor bescherming van werknemersrechten (volledig terecht trouwens) deinsde hij er ook niet voor terug om de bevolking op te roepen aan de slag te gaan en niet in de hangmat van de sociale zekerheid te hangen. Hij had de moed om aan de bevolking uit te leggen dat welvaart gecreëerd wordt door bedrijven. 

Hij was niet verlegen om zijn aanhang duidelijk te maken dat er naast rechten ook nog zoiets bestaat als burgerplicht. Zo riep hij op dat iedereen “die sterk en gezond was, de plicht had om te gaan werken en bij te dragen aan het ontwikkelen van de Duitse welvaart”. 

Maar niet alleen in zijn daden en visie, maar ook in zijn principes was hij bijzonder rechtlijnig. 

Toen op het einde van zijn loopbaan één van zijn stafmedewerkers betrapt werd op het leveren van spionagediensten aan Rusland, nam hij consequent ontslag, al bleek overduidelijk dat hij helemaal niet op de hoogte was van de gepleegde feiten van betrokkene.

Toen ik het zaaltje verliet, zag ik bij de eindgeneriek een jonge Duitse vrouw een traan wegpinken, een zelfde weemoed overviel mij. 

Het is dus toch mogelijk: leiders die, wars van druk van lobbygroepen, mutualiteiten en vakbonden, doen wat men hoort te doen om de welvaart van de volgende generatie te verzekeren.

 

 

Maaltijdcheques

In 1965 werden de maaltijdcheques ingevoerd als een maaltijdvergoeding voor werknemers in bedrijven waar geen bedrijfsrestaurant aanwezig was en voor de werknemers die de baan op moesten. In 2012 gaf 80 % van de Belgische werkgevers maaltijdcheques aan hun personeel en een aantal jaren geleden kwam daar ook de ecocheque bij. Dit komt neer op een totale waarde van 1,5 miljard euro. 

In de zoektocht naar efficiëntie en kostenbeheersing zou je denken dat de overheid, bij een positief voorstel door derden, onmiddellijk op de kar zou springen, wetende dat dit hen overigens geen geld zou kosten. Dit dachten ook een paar jonge parlementsleden toen zij voorstelden om de wijdverspreide en algemeen gekende maaltijdcheque te vervangen door een netto-storting op de rekening van betrokkene.

De motivatie was glashelder en alle partijen zouden winnen bij de afschaffing ervan – op één partij na. De factuur voor de werkgevers wordt 45 miljoen euro lichter (commissies, administratiekosten), die van de handelaar 87 mio euro (administratieve lasten en commissies) en voor de werknemers is dit 7,8 mio verlies wegens verloren of vervallen cheques. Alles samen is dit dus min 113 euro op jaarbasis!

Dit kan heel eenvoudig opgelost worden door 2 extra lijnen op de loonbrief van de werknemer te zetten. De zuivere afschaffing van het chequesysteem en de vervanging door een netto-maaltijdvergoeding veranderen de sociale en (para)fiscale spelregels helemaal niet. Het voordeel “maaltijdcheque” blijft bestaan,  enkel de manier waarop het voordeel uitbetaald wordt (de drager) verandert.

Logisch, zou je denken…

Helaas, we leven in België waar simpele dingen graag ingewikkeld worden gemaakt en/of gehouden. Uit de hoek van de vakbonden kwam onmiddellijk de verwachtte tegenwind die stelden dat het een poging zou zijn om de sociale zekerheid uit te hollen. Wat ze daarmee bedoelen is mij nog altijd niet duidelijk gezien de parlementsleden het enkel hadden over vereenvoudiging en nooit over de wijziging van het statuut.  

Dat de uitgevers van de maaltijd- en andere cheques in actie zouden schieten was te verwachten. Het ultieme excuus was dat ze, net nu het voorstel op tafel kwam, miljoenen hadden geïnvesteerd in software om de waarde te digitaliseren. Daardoor zie je de gebruikers nu met 2 kaartjes in de hand hun boodschappen betalen: ééntje voor hun maaltijdcheques en daarnaast ook hun gewone bankkaart.

Maar dat de grootste tegenwind uit eigen rangen zou komen, was nog het meest verrassende. Terwijl Comeos, Unizo en VOKA het idee steunen, zette het VBO de hakken in het zand. Onbegrijpelijk! Dat dergelijke organisatie van werkgevers, die om de haverklap staat te roepen dat procedures en administraties eenvoudiger moeten, het voorstel onderuit halen is ongezien. Je vraagt je af of de directie van zulke organisatie soms nog wel eens verder komen dan een VIP-loge van één of ander exclusief evenement. Hebben zij hetj soms nog eens over de zorgen van de “gewone” ondernemer? 

We kunnen alleen maar hopen dat de jonge leeuwen die het voorstel hebben gelanceerd, geen last hebben van noch angst hebben voor die krachtige lobbymachines en hun plannen onvoorwaardelijk kunnen doorzetten. Dan heeft deze regering alvast één belofte waargemaakt rond administratie vereenvoudiging en 130 miljoen euro bespaart aan het bedrijfsleven.

Herverdeling

Naar aanleiding van de geboorte van hun dochter Maxima verklaarden Marc en Priscilla Zuckerberg van Facebook dat zej 99 % van hun aandelen in fonds gaan steken dat moet bijdragen aan een betere wereld voor alle kinderen van de wereld.

Hiermee treden ze in de voetsporen van Bill en Melinda Gates die met de steun van die andere miljardair Warren Buffet (Berkshire) miljarden investeren in projecten als malariabestrijding in Afrika, kankeronderzoek, etc. Ook Vlaming Marc Coucke laat zich niet onbetuigd en kondigde recent aan enkele miljoenen te investeren in kankeronderzoek. Ze gaan allemaal samen zo ongeveer het hele BNP van België besteden aan zelf gekozen (goede) doelen… 

Het is alvast een bescheiden antwoord naar de schreeuwers dat ondernemingen enkel eigenbelang en winst nastreven (wat uiteraard ook hun doel is maar blijkbaar niet exclusief)… Eigenlijk ook beetje bizar: het zijn uitgerekend dit soort ondernemingen die ingewikkelde fiscale constructies opzetten om zo weinig mogelijk belastingen te moeten betalen aan de landen waar ze werkzaam zijn.

Maar als je het positief benaderd, zou je kunnen stellen dat ze de “politieke overheden” uitdagen in het nuttig besteden van “gemeenschapsgeld”… Het is een beetje zoals Jef Colruyt ooit eens zei op een jaarvergadering: “Wij betalen als bedrijf jaarlijks bijna één miljard aan belastingen… wij mogen aan die overheid wel vragen dat ze dat geld goed besteden en zich daar ten gepaste tijd over verantwoorden”.

Als je de recente verhalen leest over de structuren bij de NMBS, de geldverspilling in Brussel met zijn 19 gemeentes, 6 politiezones, het zonne-panelendebacle, kan men zich terecht afvragen in welke mate de overheid verantwoord omspringt met belastinggeld.

Als je het een beetje creatief aanpakt zou je zelfs kunnen stellen de belastingen van bedrijven te verlagen en hen te verplichten een deel van hun winst te besteden aan specifieke sociale projecten. Dan zijn we in ieder geval verzekerd van een efficiënte benutting van de middelen. Laat het ons de privatisering noemen van de “herverdeling”.

Je zou bv bedrijven die goederen importeren uit 3e wereldlanden kunnen verplichten een deel van de winst te investeren in lokale huisvesting en scholen. Dat betekent meer welvaart en betere levensomstandigheden. Of  voor lokale bedrijven van hier: sponsoring van culturele of sociale projecten. Een beetje een tax shelter systeem maar met een ruimere toepassing.

Het is alvast een mooie gedachte: bedrijven die, samen met hun medewerkers, het sociale weefsel van de samenleving letterlijk en figuurlijk versterken.

 

Belasting op "toegevoegde" waarde

De technologische revolutie wordt steeds zichtbaarder in de samenleving en de impact ervan, mede door het internet, voor iedereen toegankelijk.

Ondertussen wordt duidelijk dat Google, Microsoft e.a. spelers hun vele miljarden niet alleen besteden aan een leuke werkomgeving voor hun medewerkers of een Bill & Melida Gates fonds, maar dat de researchafdelingen op volle toeren draaien…

We zijn enkele maanden van de eerste zelfrijdende auto in ons straatbeeld, Google werkt aan verregaande artificiële intelligente robots die, volgens een topman tijdens het Wired congres vorig jaar, in staat zal zijn om in 2020 ong. 80 procent van alle arbeid te vervangen. 80 procent!!!  

Dit zal niet alleen onomkeerbare gevolgen hebben voor de tewerkstelling maar ook voor de financiering van oa onze sociale zekerheid zoals we ze vandaag kennen.

Een taxshift, zoals die vandaag op tafel ligt, is reeds voorbijgestreefd nog voor men er aan begint. Willen we een sociaal stelsel behouden dan zullen we vanuit een totaal andere mindset een concept van bijdragen aan de staatskas moeten denken.

Eén ding is duidelijk: de verregaande robotsering, informatisering en implementatie van articifiele intelligentie zal flink inbeuken op de tewerkstelling maar daarom niet noodzakelijk op het rendement/winst van een bedrijf. Die zullen mogelijks nog meer netto resultaat boeken dan nu want robots staken niet, zijn niet ziek, nemen geen vakantie… met een goede technieker en wat olie draaien ze 24 op 24 non stop …

Daarom dient ons fiscaal systeem gebasseerd te zijn op de toegevoegde waarde die men realiseert en niet uit een kluwen aan taksen en lasten zoals we ze nu kennen. Daarbij is het toch heel vreemd dat je belasting moet betalen op één component binnen de productie of dienst van een bedrijf : namelijk arbeid? Bij het onstaan van de sociale zekerheid werd gezocht naar financiering en men kwam logischer wijze terecht bij de werkgever.

Maar hoe gaan we dat morgen doen als er geen werknemers meer tewerkgesteld zijn? Hoe gaan we dan bv de sociale zekerheid financieren? Er is dus dringend nood aan een geheel nieuw transparant systeem van solidariteit/belastingssysteem.

Hef een echte belasting op “toegevoegde waarde”

Dit begrip zou tot enige verwarring kunnen leiden omdat het ons onmiddellijk doet denken aan ons huidige btw systeem… maar dat is eigenlijk een verborgen consumententaks en geen echte belasting op meerwaarde.

Het systeem is eigenlijk eenvoudig en komt er op neer dat we naar een stelsel evolueren van een werkelijke belasting op toegevoegde waarde.

Dat wil zeggen (in grote orde) de kost om iets te produceren (grondstofffen, algemene aangetoonde kosten, netto-personeelskost, afschrijvingen op investeringen) min de opbrengst (verkoopprijs) moet per saldo meer netto-winst voor het bedrijf opleveren als in huidig stelsel (door zware lasten op arbeid).

Het voordeel voor het bedrijfsleven is dat ze plots een enorm competitievoordeel gaan krijgen t.o.v. hun concurrerende landen, zelfs op internationaal vlak. Logisch gevolg is dat ze meer gaan verkopen dus meer winst gaan maken dus meer belastingen gaan betalen. Je krijgt als het ware een opgaande spiraal van belastingsinkomsten.Van die meeropbrengsten kan men perfect de kosten van de sociale zekerheid financieren.

Dit systeem, gecombineerd met een vlaktaks (een zeer eenvoudig belastingsstelsel) voor bedrijven en particulieren en een efficientere overheid, zal niet alleen een boost geven aan de economie maar ook zorgen voor aanzienlijke terugverdieneffecten. Want zo zal meer tewerkstelling direct leiden tot flinke minder-uitgaven bij bv sociale zekerheid (werkloosheidsuitkeringen).

Basisvoorwaarde voor het succes is dat bedrijven zich strikt dienen te confirmeren met het belastingsstelsel en dit best op Europees of zelfs internationaal niveau waar belastingsregels dienen te worden afgesproken.

Fraude of afleiding van winsten moet dan ook zwaar en zonder uitzonderingen gescantioneerd worden. Een goed geolied en modern uitgerust fiscale overheidsdienst moet daar borg  kunnen voor staan.

Rudi De Kerpel.

Video

Rudi in Ter Zake

Rudi op TV Oost

Debat op TV Oost