You are hereWanneer komt er een échte "wet Dedecker"?
Wanneer komt er een échte "wet Dedecker"?
Sedert enkele jaren is Vlaanderen een heuse bouwwerf geworden. Daarbij wordt er amper stilgestaan bij de gevolgen voor de kmo's, gevestigd in een straat met wegwerkzaamheden. In het beste geval worden de ondernemers tijdig geïnformeerd en wordt er een bordje geplaatst : "handelszaken bereikbaar". Maar met de financiële gevolgen van langdurige werken staat de ondernemer vaak in de kou en kan nog steeds geen aanspraak kan maken op een (redelijke) schadevergoeding.
Er is natuurlijk de "Wet Dedecker" die een schadevergoeding beoogde voor ondernemers die schade lijden door openbare werken in hun straat. Met veel geluk en steun van de PRL kreeg hij zijn wet goedgekeurd en uitgevoerd. Met veel geluk want de socialisten waren absoluut niet te overtuigen van de noodzaak ervan. Vreemd toch als je 2 jaar later Freya Vandenbossche als de grote beschermer van de middenstand ziet opdraven… Maar het is natuurlijk handig om te vergeten dat je de laatste 20 jaar mee het beleid van het land hebt bepaald.
Verkiezingskoorts lijkt een ideaal moment om de illusie even op te wekken dat ook aan ondernemers wordt gedacht. Zo ook de maatregel van Delaruelle om de vergoeding te verhogen tot 80 euro en dit zonder verdere administratie of de schijnmaatregelen van Patricia Ceysens.
Dit is echter maar een doekje voor het bloeden want wat doe je met zo'n magere tussenkomst als je als winkelier 5 personeelsleden in dienst hebt, en 6 maanden lang met een omzetdaling van 50 % te kampen krijgt?
Noch de schadevergoeding, die de naam niet waardig is, noch de waarborgregeling helpen de ondernemer bij zijn probleem.
Om te beginnen is een ondernemer geen vragende partij voor de werkzaamheden in zijn straat. Ze hebben hoofdzakelijk een publiek karakter en brengen geen enkel persoonlijk voordeel voor de ondernemer mee of toch niet meer dan voor de buurman in dezelfde straat. Er is dus geen enkel argument waarom ondernemers gediscrimineerd moeten worden in dergelijke situatie, wel integendeel: gezien hij een minderwaardig sociaal statuut heeft zou men extra beschermingsmaatregelen dienen te voorzien.
De schade die uit de hinder volgt dient, zoals alle andere schade, vergoed te worden door degene die ze berokkent aan diegene die eronder lijdt.
Bij de publieke opinie leeft daarover trouwens een vreemde mentaliteit : ze maakt probleem over budgetten van werkzaamheden die flink oplopen doordat de aannemers hogere kosten aanrekenen, maar een vergoeding voor de schadelijdende handelaar of ondernemer wordt als abnormaal of buitenproportioneel gezien.
Zo waren er buitensporige budgetverhogingen in Gent waar de kost van het Justitiepaleis werd begroot op 80 mio euro maar effectief 159 mio euro kostte. Het Vlinderpaleis in Antwerpen werd begroot op 125 mio maar koste uiteindelijk 258 mio euro (waarvan 17 % vergoeding voor de architect!!!) . Of het TGV station in Luik: probleemloos werd de begroting van 50 mio euro omgezet naar een effectief kostenplaatje van 200 mio euro.
De overheid moet daarom haar verantwoordelijkheid opnemen en kan niet blind blijven voor de soms dramatische schade of verliezen die ondernemers kunnen lijden! Daarom enkele voorstellen om onze beleidsmakers te inspireren.
Bij wegwerkzaamheden moet het uitgangspunt van de overheid zijn: de hinder tot een minimum beperken en de schade die uit langdurige werken voortvloeit, compenseren naar het bedrijfsleven toe. Dit steunt op het verzekeringsprincipe van "schade aan derden dient vergoed te worden".
Om die schade te betalen en alles te coördineren kan een "compensatiefonds openbare werken" worden gesticht. Dit fonds kan worden gespijsd door via het boetefonds, door schadevergoedingen bij laattijdige oplevering, het fonds sluiting ondernemingen, e.a.
Ingrijpende werkzaamheden die langer duren dan 20 werkdagen moeten minimaal 1 jaar op voorhand worden aangekondigd, zodat de ondernemingen die met seizoenproducten te maken hebben zich hierop kunnen voorbereiden en hun schade beperken. Verhuurders van gebouwen zullen toekomstige huurders in kennis stellen van eventueel op stapel staande werkzaamheden in de directe buurt van het handelspand.
Bij het opstellen van de begroting moet de overheid dan uiteraard ook rekening houden met de mogelijke gevolgschade voor het bedrijfsleven. De inventaris van die schade moet worden opgenomen in de totale begroting van het project, en voor de afhandeling kan het gemeentelijk ondernemersloket dienen.
Voor de werkzaamheden zelf kan onderscheid gemaakt worden in 3 categorieën:
1. : zeer belangrijke werken, zoals aan toegangswegen. Aannemers worden verplicht in minimaal 2 ploegen te werken zonder onderbrekingen (behalve weersomstandigheden en vakanties).
2. belangrijke werken, waarvoor één ploeg volstaat, maar binnen een strak tijdsbestek.
3. gewone werkzaamheden: geen urgentie.
Bij het overschrijden van de afgesproken duurtijden wordt een boete aangerekend die wordt gestort in het "compensatiefonds openbare werken".
Indien de werkzaamheden langer duren dan 3 maanden kunnen de getroffen ondernemers aanspraak maken op voorschotten, die in maandelijkse schijven worden overgemaakt op basis van de ingediende begroting. De voorschotten kunnen nooit meer dan 70 % van het ingediende budget bedragen en dienen enkel om de continuïteit van het bedrijf te verzekeren.
De opgegeven schade omvat een aantal vaste kosten die moeten doorlopen om de werking van het bedrijf niet in het gedrang brengen. Het gaat ondermeer om huur, afschrijvingen, abonnementen, etc. Alle kosten moeten uiteraard bewezen en gecertificeerd worden door de accountant van de onderneming, en er kan geen winst worden vergoed. Ondernemingen moeten ook alles in het werk stellen om de schade te beperken. Ze moeten ze in staat worden gesteld om medewerkers tijdelijk werkloos te verklaren.
Als de overheid echt oog heeft voor de schade die ondernemers ondervinden bij de werkzaamheden die ze laat uitvoeren, moet ze de feiten onder ogen durven zien en geen halve maatregelen of schijnmaatregelen op tafel leggen. Ondernemingen, zowel kmo's als de kleinere, zijn de zuurstofslang van ons sociaal netwerk. Ze verdienen dus een betere behandeling dan vandaag het geval is.



.jpg)

