You are hereOpiniestukken

Opiniestukken


Referendum over stemrecht voor niet-landgenoten

De beslissing over het migrantenstemrecht zal waarschijnlijk de komende weken in rechte lijn komen naar een beslissing. Hoe moedig de liberalen ook zijn: men zal moeten plooien, tegen heug en meug.

Stevaert en de zijnen willen scoren bij de migranten (waar ze voor de rest niets voor gedaan hebben) omdat ze een belangrijke visvijver zijn om de grootste partij van het land te worden.

Waarom niet de logica laten primeren in dit dossier: we geven alle niet-Europese burgers die in dit land wonen dezelfde rechten als diegene die wij Vlamingen, krijgen in hun land.

Maar wat denkt de modale Vlaming hierover? En waarom geen referendum? Als democraten kunnen we daar toch niet tegen zijn? Wat zouden "de mensen" er trouwens van denken?

Met deze nodig ik U uit, volledig anoniem, uw standpunt kenbaar te maken door deel te nemen aan mijn referendum.
En vraag al uw vrienden en kennissen om deel te nemen: want met hoe meer we zijn hoe juister het resultaat.

Bedankt en alle reacties zijn welkom.

Het standpunt van VINCENT VAN QUICKENBORNE (VLD):

Stemrecht voor niet-Europese migranten: wrong answer/right question. De spanningen tussen Belgen en migranten bestaan; zelfs ultralinks -hoe klein ook- ontkent ze niet langer; de juiste oplossing hiervoor is eenvoudig: belgen moeten stoppen met discrimineren (het is niet omdat Ahmed Ahmed heet dat hij slecht werk levert), migranten moeten zich integreren (en aanpassen aan de moderniteit: scheiding islam en staat); stemrecht zal daar geen moer aan veranderen, integendeel, het is een schijnoplossing die de relaties tussen belgen en vreemdelingen verder verzuurt omdat vele belgen -terecht of ten onrechte- geen stemrecht krijgen in de landen van herkomst van die vreemdelingen; liberalen zijn toch voor het principe 'no taxation without representation'? hoor ik verbeten socialisten zeggen; dan vraag ik diezelfde klassiek-linksen: dus ook stemrecht op nationaal niveau, en geen stemrecht voor vreemdelingen die geen belasting betalen?; bovendien: het is alles of niets: ofwel is men voor stemrecht en dan op alle niveaus (en wie durft dat te verdedigen), ofwel is men tegen; het onderscheid tussen lokaal en nationaal stemrecht is weinig overtuigend omdat het argument pro lokaal stemrecht -laat de migrant mee participeren- ook opgaat voor het nationale niveau; aangezien dit probleem zovele geesten bezighoudt (elke vlaming of belg heeft hierover wel een mening) is het referendum de meest democratische oplossing: de mensen (niet de politici) weten best wat goed is voor de mensen; dan zal snel blijken of de vele peilingen de voor- dan wel de tegenstanders gelijk geven; de kiezer heeft altijd gelijk; wie schrik heeft voor de kiezer is een anti-democraat.

Het standpunt van de N-VA:

Voor de N-VA kunnen vreemdelingen pas mee beslissen in en over onze gemeenschap, wanneer ze ook echt deel uit maken van die gemeenschap. Dat is een verhaal van rechten én plichten. Wat voor zin heeft het om vreemdelingen stemrecht toe te kennen wanneer ze niet eens onze taal spreken?
Voor de N-VA moet de verplichte inburgering de basis zijn van een goed integratiebeleid. Immers, alleen wanneer nieuwkomers Nederlands spreken en vertrouwd zijn met onze taal, onze wetten, onze instellingen enz. hebben zij pas echt kansen om hier een nieuw leven op te bouwen. Daarom wil de N-VA dat elke legale inwijkeling een verplichte inburgeringscursus volgt. Kosteloos en op maat van elke deelnemer. Na een succesvol inburgeringstraject en 5 jaar verblijf zonder correctionele veroordeling, kan het gemeentelijk stemrecht verkregen worden. Na tien jaar verblijf zonder correctionele veroordeling, kan de nationaliteit verkregen worden en dus ook het volledige stemrecht. Aansluitend bepleit de N-VA de afschaffing van de snel-Belg-wet. De verwerving van de nationaliteit is voor ons het sluitstuk van een succesvol inburgeringstraject in plaats van een betekenisloos vodje papier waaraan geen enkele integratievereiste gekoppeld is.

Vakbond, toegevoegde waarde voor KMO's?

[Toespraak gehouden voor Agoria Brussel, 23 september 2003]

Dames en Heren,

  • "Philips wil de komende jaren 12 vestigingen sluiten in Europa maar opende afgelopen tien jaar 6 fabrieken in Oost Europa met zevenduizend medewerkers ..."

  • General Motors, Samsung & General Electric concentreren hun Europese activiteiten in Boedapest ..."

  • De Post en de NMBS schrappen samen 10.000 banen... en dan weer niet...

Het zijn slechts enkele van de tientallen berichten die de laatste weken en maanden over ons heen kwamen... We worden er niet graag aan herinnerd, toch is het de realiteit. Bij velen neemt terecht de vrees toe dat Europa binnen 15 à 20 jaar niet alleen een vergrijsde samenleving zal zijn, maar ook een industrieloze...

In de 19de eeuw en dit tot aan de tweede wereldoorlog, waren de vakbonden de belangrijkste maatschappelijke bron van vernieuwing - hun rol is van essentieel belang geweest in het tot stand brengen van onze welvaart en welzijn. Sinds de golden sixties zijn vakbonden van progressieve motor echter omgevormd tot conservatieve belangenvereniging. De vakbond is meestal tegen iets, zelden voor iets. Ook niet als een verandering op korte termijn een verbetering op lange termijn kan betekenen.

Daarom heb ik recent ook campagne gevoerd tegen vakbonden in KMO- ondernemingen... Niet uit vrees voor controle of omdat dat er iets te verbergen valt, maar vooral om te voorkomen dat KMO-bedrijven, die momenteel zowat de enige groep zijn die nog in staat is het werk te behouden, gedemotiveerd zouden raken en de moed zouden omgeven om verder te doen, met alle gevolgen van dien. Eén van de grote verschillen tussen een KMO-bedrijfsleider en een manager i.o. dat die eerste met eigen kapitaal werkt en niet met dat van een vreemde, soms onbekende aandeelhouder. Dat is trouwens één van de redenen waarom een KMO-ondernemer dan ook veel dichter zijn medewerkers staat dan een anonieme manager op het 11e verdiep.

De KMO-ondernemer staat dichter omdat hij zijn medewerkers hard nodig heeft om zijn doelstellingen te realiseren. In tegenstelling tot bij KMO's, kan een vakbond inderdaad zinvoller zijn in grote ondernemingen, al is het maar om de wensen van de vloer naar het 11e verdiep te brengen, maar is overbodig en storend in de arbeidsrelatie tussen een KMO-ondernemer en zijn medewerkers.

Het is zeker niet zo dat werknemers van een KMO-bedrijf slechter zouden af zijn dan zij die werken in een groot bedrijf. Werknemers uit de KMO- bedrijven zijn - gelukkig - voldoende geïnformeerd via allerlei kanalen en hebben toegang tot rechtshulp en bijstand, o.a. via vakbonden. Het is dus misplaatst de insinuaties aan te houden als zouden KMO-medewerkers slechter behandeld worden. Het debat is dus zinloos, contraproductief en puur tijdverlies.

En daarmee wil ik tot de kern van mijn betoog komen. Als de vakbonden werkelijk geïnteresseerd zijn in de toekomst van de samenleving en vooral van de jeugd, zullen ze toch een aantal dogma's overboord moeten gooien en met een ruime open blik vooruitkijken.

En ik wil daar in één adem aan toevoegen dat het niet alleen de vakbonden zijn die dat moeten doen, maar ook onze beleidsmakers. Ook zij zullen in de toekomst iets meer blijk moeten geven van behoorlijk bestuur en dan vooral in hun daden !

Welke zijn dan uiteindelijk de uitdagingen waar de vakbonden voor staan?

  • Allereerst moet men het begrip "werken" opnieuw herwaarderen. Welvaart creëer je niet met slogans maar wel door hard te werken. Men ontwikkelt momenteel een dubbelzinnige perceptie : enerzijds smeekt men om meer banen maar anderzijds stelt men steeds meer onredelijke eisen aan degenen die voor banen zorgen. Men wil stilaan van ieder bedrijf een Disneyland maken, maar zoals iedereen weet: Disney is een sprookjespark en helaas, sprookjes bestaan niet in de bedrijfswereld.

  • Werken kan ook een bijdrage leveren aan persoonlijke ontplooiing, intellectuele verrijking, voldoening over wat men bereikt... We moeten met z'n allen de vrije tijdsmythe doorbreken. Er zijn vakbonden die 20 m² campagnes voeren waarin ze zich de vraag stellen "nog nooit zo druk gehad ?" maar anderzijds schreeuwen diezelfde affiches om "Ik wil een JOB".

  • Men kan vandaag een leefbaar en volwaardig inkomen verwerven door 37 uur van de 168 leefuren op weekbasis te werken. Dan rest nog minstens het dubbele om te genieten en met het gezin bezig te zijn. Het mag ook eens gezegd dat er gelukkig ook heel veel mensen die 37 uur werken met plezier tegemoet gaan.

  • Vakbonden moeten durven meer verantwoordelijkheid op te nemen t.o.v. hun leden en hun durven wijzen op hun plichten t.o.v. de werkgever. Te vaak volgen vakbonden blindelings de eisen en verlangens van hun leden uit angst deze te verliezen.

    Het is toch aan geen mens met gezond verstand uit te leggen dat men een fabriek volledig lam legt omdat men niet aanvaart dat de middagmaaltijd voortaan in 2 beurten moet gebeuren? Kan u zich voorstellen welk economisch verlies dit met zich meebrengt?

    Het grenst toch aan het onwaarschijnlijke dat men een distributiedepot van een grootwarenhuis dagenlang blokkeert omdat de directie twee medewerkers ontslaat wegens diefstal? En omdat de bewijsvoering een videoband was, en dus niet rechtsgeldig is, werd het bedrijf verplicht ze uiteindelijk opnieuw in dienst te nemen... Dient een vakbond dan om dieven te beschermen?

    Men zou trouwens voor minder cynisch worden over ons staatsapparaat als men weet dat Gaya er ondertussen wel in slaagt om videobeelden als aanvaarde bewijslast te gebruiken. Ondernemers zouden stelende werknemers op heterdaad en liefst met deurwaarder moeten kunnen betrappen alvorens ze op enige rechtszekerheid kunnen rekenen?! Begrijpen wie begrijpen kan!

  • Een vakbond die in de 21e eeuw wil overleven zal naar mijn gevoel modern maar vooral redelijk en eerlijk moeten zijn in zijn verhouding met de werkgever. Willen we hier werk, dus welvaart behouden, dan zal het solidariteitsbeginsel geen éénrichtingsverkeer mogen blijven: het moet van werkgever naar werknemer gaan maar ook omgekeerd en dit zowel in goede als slechte tijden.

    Voor de goede tijden zou er een flexibel en minimum belast dividend moeten beschikbaar zijn voor alle werknemers van een bedrijf. Veel ondernemers klagen terecht dat men graag wil delen met de werknemers maar dat daar amper iets van overblijft wil men het toepassen. Een bedrijf zou over de mogelijkheid moeten beschikken om bv. 5% van zijn winst, VRIJWILLIG, te verdelen over alle medewerkers die het resultaat hebben helpen realiseren. Het zal niet alleen stimulerend en motiverend zijn, het zal ook de koopkracht doen toenemen en zo automatisch de welvaart in stand houden.

    Maar er moet ook solidariteit zijn als het minder goed gaat. Vaak gaan bedrijven en dus vele werkplaatsen kapot omwille van het feit dat men geen bruggetje kan of wil maken naar een betere periode. Bedrijven in moeilijkheden saneren via het minderen van arbeidskrachten, dit mede omwille van de zware loonkost.

    Waarom geen systeem ontwikkelen dat een noodlijdend bedrijf de mogelijkheid biedt op tijdelijke basis de lonen te verlagen en dat gedurende een vooraf afgesproken periode maar met als cruciale voorwaarde: volledig behoud van tewerkstelling. Op zo'n manier kan een bedrijf een 2de adem vinden en opnieuw heropleven.

    Dit getuigt pas van solidariteit: het is kiezen tussen ik hou alles en de andere krijgt niets of samen wat minder om er straks allemaal beter van te worden... en dat zoiets mogelijk is, bewees het personeel van Cathay Pacific.

    Toen zij door de SARS epidemie afstevende op gigantische verliezen met zwaar jobverlies als gevolg, besloot het personeel (en dit op alle niveaus) 1 week per maand onbetaalde vakantie te nemen tot het tij keerde. Na 6 maand waren de bedrijfsfinanciën weer gezond en ging men verder zoals voorheen en dit zonder één enkele afdanking.


Het zijn slechts enkele van de vele ideeën, maar tijdsgebrek verplicht mij het hierbij te laten.

Tot slot, goede vrienden van de vakbond, ons lot is aan elkaar verbonden!

De uitdagingen die op ons afkomen zijn gigantisch: de verplaatsing van arbeid naar Oost-Europa en Azië brengt niet alleen een banenverlies maar ook een bijdrageverlies aan ons zekerheidsstelsel mee, de problematiek van de vergrijzing stijgt, de druk van de U.S.A. om nummer 1 te blijven ten koste van alles (desnoods met het terughalen van arbeid van Europa naar de V.S.) weegt zwaar door...

We moeten met elkaar in dialoog gaan, niet alleen over hoe samen-werken & samen-leven maar ook om het ondeugdelijk bestuur van onze overheid te analyseren. De vakbonden zouden het lef moeten hebben, ook al ontvangen ze jaarlijks vele miljarden dotaties, om de overheid te wijzen op hun plicht tot het uitbouwen van een efficiënt en flexibel overheidsapparaat. Men zou moeten aanvaarden dat het met minder kan en moet ! We zullen over een paar jaar alle beschikbare arbeidskrachten hard nodig hebben om het vele (ook sociale) werk gedaan te krijge...


Rudi De Kerpel.
23 september 2003 - toespraak voor Agoria Brussel

Waar gaan deze verkiezingen over?

Net zoals een bedrijf op regelmatige tijdstippen de bakens uitzet voor de toekomst ervan door b.v. maken van een jarenplan of strategie zouden verkiezingen het moment moeten zijn waarbij de politieke vertegenwoordigers stelling nemen waarvoor ze de komende jaren/decennia willen staan.

Politiek geïnteresseerden zullen het met mij eens zijn dat er op dit ogenblik weinig animo te bespeuren valt waar de accenten de komende jaren dienen te worden gelegd om de samenleving in de status te houden waarin ze zich bevindt. Het zou nochtans wenselijk zijn om hier snel kleur te bekennen en vooral, dat de kiezer zich bewust wordt van het talmend non-beleid waarop wij afstevenen, want de bedreigingen die op ons afkomen zijn niet min.

Er is niet alleen het toenemend en zeer verontrustend syndroom van bedrijfs-moeheid bij de ondernemers maar ook de financiële splinterbom die op ons afkomt door de vergrijzing van de bevolking, die een extra dimensie krijgt door het feit dat België (nog steeds) over een gigantische schuldenberg beschikt. Hoogtijd voor beleid!

Waarover het dan wel moet gaan? Een herverdeling van het pakket sociale maatregelen, het verhogen van de arbeidsgraad, het stimuleren van ondernemerschap (starters en bestaande bedrijven) en een beter beheer van de overheidsfinanciën.

Stop het pesten van ondernemers

Met een beetje geluk zal tewerkstelling één van de verkiezingsthema's worden op 18 mei as. Opnieuw zullen allerlei vage beloftes worden geformuleerd en vooral de belastingsverlaging zal uitgespeeld worden. Maar is de toekomst zo hoopvol als men wel doet uitschijnen?

Het wordt stilaan duidelijk dat de overheid, die moet zorgen voor "alle burgers", prioritair aandacht moet gaat schenken aan de ondernemers. Dit moet verder gaan dan enkel belastingsverlagingen. Want dit is slechts een aanpassing op de torenhoge lasten die bedrijven vandaag moeten betalen, slechts een nivellering van de ongelijkheid t.o.v. de Europese collega's. Het recent rapport van de Oeso is op dat vlak trouwens redelijk ontnuchterend … België staat nog steeds op kop van de landen met de hoogste fiscaliteit in gans Europa.

Nederland: wordt wakker

Waar de verkiezingen van 15 mei 2002 symbool stonden voor "confrontatie" met het verleden (met dank aan Pim Fortuyn), worden die van 2003 ongetwijfeld die van de "manipulatie".

Als regelmatig verblijvende Vlaming in Den Haag heb ik met stijgende verbazing kennis genomen hoe de media volledig buiten hun rol vallen tijdens deze verkiezingen. Entertainment heeft duidelijk plaats gemaakt voor informeren en duiden van lijsttrekkers en hun programma. Niettegenstaande de politici bij het begin van de campagne van de daken schreeuwden dat het deze keer geen "show" mocht worden is zelden in Europa een staaltje vertoont van oppervlakkigheid, manipulatie en misleiding als nu. Het lijkt wel of men helemaal het "noorden" is kwijtgeraakt want er is slechts één issue wat iedereen in de ban houdt, nl. de peilingen.

Dat commerciële zenders een "vlotte" manier van presenteren prefereren boven saaie inhoudelijke discussies over programma's en prioriteiten valt te begrijpen. Maar dat de openbare omroep en hun zendgemachtigden volledig uit hun rol zouden vallen durfde niemand te vermoeden.

Waar de kwaliteitskranten nog enige moeite doen om diepgang en duiding te brengen, zijn voor de meeste tv-presentatoren de peilingen tot de heilige moeder van alle informatiebronnen verheven en wordt de Nederlandse kijker dan ook bijna een schuldcomplex aangepraat als hij de voorspellingen dreigt te verstoren met een ander kiesgedrag... je moet vandaag als Nederlandse burger nog heel veel moed hebben om te bekennen dat je niet voor het CDA of PVDA gaat stemmen...

Er zijn dan ook 3 belangrijke spelers die volledig uit hun rol vallen, nl. de openbare omroep en hun zendgemachtigden, de journalisten en de politici.

Een boze burger

Voor een niet-verzuurde, geëngageerde en geïnteresseerde burger was het een schokkend weekend. Reeds met "rode" oortjes kreeg je de schuldbekentenis van een vooraanstaand SP.a'er die erkent dat het integratiebeleid is mislukt op je ontbijtbord, in de namiddag bij de koffie een persvoorstelling van het nieuwe boek van de Premier die na zijn lofzang over de Derde weg nu het nu plots heeft over de "Vierde Golf" en bij het gezellige kaarslicht tijdens het diner nog op de valreep de aankondiging dat Laurent gaat trouwen. Wie durft nog te beweren dat België een saai land is...

Wat de aanleiding is van zoveel helderheid bij het politiek establisment is een raadsel. Feit is dat het blijkbaar minimum 10 jaar duurt voor het bij de vertegenwoordigers van het volk (waarom gebruikt men die term nog zo weinig) doordringt waar de knelpunten zitten binnen ons sociaal-maatschappelijk bestel. Wat gaat dat worden nu onze verkozenen binnenkort nog verderaf zullen komen te staan van de burger met de nieuwe kieswet en het enkel nog om "vedetten" zal gaan die het zullen opnemen voor het volk...

Video

Rudi in Ter Zake

Rudi op TV Oost

Debat op TV Oost